Vlaams Beschermingsmechanisme 5

Zelfstandigen en ondernemingen die tussen 1 tot 28 februari 2021 hun omzet met 60% of meer zagen dalen, of die tijdens diezelfde periode verplicht gesloten moesten blijven, kwamen in aanmerking voor de steunmaatregel. Die kan nu niet meer aangevraagd worden.

Bedrag

De steun bedraagt 10% van de omzet (exclusief btw) die u had in de referentieperiode. Die referentieperiode is, afhankelijk van de sector (zie hierboven),

  • ofwel de hele maand februari 2020
  • ofwel de periode van 1 tot en met 7 februari
  • ofwel de periode van 1 tot en met 12 februari.

Zelfstandigen in bijberoep krijgen 5% steun.

Voor ondernemingen die pas op 1 oktober 2019 of later zijn opgenomen in de KBO, wordt de omzetdaling vergeleken met de verwachte omzet zoals vermeld in het financieel plan.

Witte kassa

Ondernemingen die verplicht zijn een witte kassa te gebruiken, maar geen registratienummer hebben, krijgen de steun van 10% op de omzet van de referentieperiode in 2020, maar die steun is beperkt tot 1.500 euro.

Maximale en minimale steunbedragen

  • Ondernemingen met een omzetdaling van minstens 60%

Het minimale steunbedrag voor de periode van 1 tot en met 28 februari 2021 is 600 euro.

Het maximale steunbedrag voor dezelfde periode bedraagt:

  • 7.500 euro voor ondernemingen met een RSZ-tewerkstelling tot en met 9 werknemers
  • 15.000 euro voor ondernemingen vanaf 10 tot 49 werknemers;
  • 40.000 euro voor ondernemingen met 50 werknemers of meer.

  • Verplicht gesloten sectoren

De minimale en de maximale steunbedragen voor gesloten sectoren worden berekend in verhouding tot aantal verplicht gesloten kalenderdagen. Bekijk de lijst met minimale en maximale steunbedragen voor verplicht gesloten sectoren.

De steun is vrij van belastingen.